top of page
Blauwe Rooktunnel

Over mij

Ik heb mij op school nooit echt thuis gevoeld.
Niet omdat ik niet wilde leren, maar omdat ik mij zelden herkende in wat ik leerde. Het curriculum voelde als iets dat mij werd aangereikt, niet als iets waar ik zelf onderdeel van was. Ik miste de verbinding met de wereld en met de vragen die ik had. Langzaam merkte ik hoe mijn stem stiller werd.

Pas later begreep ik wat daar ontbrak: ruimte om betekenis te geven.
Tijdens mijn studie en mijn werk in het onderwijs zag ik hoe bepalend het is of leerlingen die ruimte wél krijgen. Of ze de kans krijgen om zichzelf, hun omgeving en de wereld om hen heen te verkennen. Of onderwijs hen helpt hun stem te vinden – of juist leert zich aan te passen.
Wat mij steeds weer opviel, was dat kunst en cultuur vaak als ‘extra’ werden gezien. Iets voor erbij. Terwijl ik juist daar zag wat leerlingen nodig hadden: verbeelding, vragen stellen, betekenis maken, zich verbonden voelen met anderen. Precies dáár ontstond betrokkenheid.
Vanuit die ervaring groeide mijn ambitie.
Ik wil bijdragen aan onderwijs dat kinderen niet alleen voorbereidt op een toets of een norm, maar op het leven.
Onderwijs waarin ruimte is voor creativiteit, reflectie en maatschappelijke betrokkenheid. Waar leren niet alleen gaat over weten en doen, maar ook over voelen en zijn.

Want cultuur is geen vak.
Cultuur is de manier waarop we betekenis geven aan ons bestaan.

Waar ik voor sta

Voor mij gaat onderwijs uiteindelijk over drie samenhangende vragen:

  • voel je je veilig en gezien (bestaanszekerheid)?

  • begrijp je waarom wat je leert ertoe doet (betekenisgeving)?

  • ervaar je dat je samen met anderen invloed hebt op de wereld (relationele agency)?

 

Juist op die punten zie ik dat veel jongeren worstelen. Niet omdat zij tekortschieten, maar omdat het onderwijs vaak te weinig ruimte biedt voor perspectiefvorming: leren kijken vanuit verschillende invalshoeken, leren je eigen positie bepalen, leren je te verhouden tot de ander en de samenleving.

Burgerschap zonder kunst en cultuur blijft abstract.


Kunst en cultuur geven taal aan wat ons raakt. Ze maken het mogelijk om te verbeelden, te voelen, te verbinden. Ze helpen leerlingen hun eigen stem te ontdekken én overeenkomsten te vinden met anderen.

Daarom zie ik cultuureducatie en burgerschap niet als losse domeinen, maar als onlosmakelijk met elkaar verweven.

Wat ik doe

Als auteur, gastonderzoeker en spreker werk ik op het snijvlak van:

curriculumbewustwording – bestaansvorming – perspectiefvorming – burgerschap – cultuureducatie – Loopbaanoriëntatie en -begeleiding (LOB) = Algemene Culturele Vorming (ACV)

Ik onderzoek hoe cultuureducatie, de burgerschapsopdracht en loopbaanoriëntatie (LOB) elkaar kunnen versterken en hoe juist die samenhang bijdraagt aan de bestaansvorming van leerlingen en studenten.

Ik begeleid scholen en teams bij:

  • curriculumbewustwording

  • curriculumontwikkeling en leerlijnen

  • integratie van burgerschap en cultuur

  • studiedagen en professionalisering

  • het vertalen van visie naar dagelijkse praktijk aan de hand van kleine rituelen

 

Niet door iets ‘toe te voegen’, maar door bestaande doelen en vakken met elkaar te verbinden. Zodat onderwijs lichter wordt, samenhang krijgt en weer van de school zelf voelt.

Wat mij drijft

De momenten die mij het meest raken zijn klein.

Een leerling die zichzelf herkent in een verhaal.
Een klas waarin verschillen gesprek worden in plaats van conflict.
Een docent die zegt: “Ik voel weer waarom ik ooit voor dit vak koos.”

Dat zijn geen spectaculaire veranderingen.
Maar daar gebeurt het.

Daar groeit vertrouwen.


Daar ontstaat betekenis.
Daar begint vorming.

En precies daarom doe ik dit werk.

Omdat ik geloof dat onderwijs niet verandert door grote theorieën, maar door kleine, bewuste keuzes. Door leraren die hun pedagogische ruimte terugnemen. Door lessen waarin leerlingen niet alleen leren wat ze moeten weten, maar ontdekken wie ze kunnen zijn.

bottom of page